Lid van de Maand #14: Annemarie van Haestregt

Hoe lang schaats je al? Sinds mijn tweede of derde, maar ik ben op les gegaan toen ik 8 was. Dus ik schaats al zo’n 33 jaar. Mijn opa was penningmeester van de ijsclub en toen ik 3 jaar was heb ik een medaille verdiend van de 30km door op mijn houtjes en achterop de slee een rondje op de Kaag te rijden. Later ging ik met mijn vader schaatsen. Toen ik 8 was ging ik op woensdag met de bus naar Leiden om daar te trainen.

Hoe gingen de eerste stappen op het ijs? Je had toen nog geen thermokleren, dus ik had altijd een dun broekje aan en ik had hele dunne benen. Ik weet dat ik het altijd heel koud had, maar het wel heel leuk vond.

Wanneer ben je begonnen met shorttrack? In mijn studententijd had ik geen tijd meer om naar de langebaan af te reizen en begon ik met shorttrack. Ik heb toen ik een jaar of 21 was denk ik 2 jaar gereden. Er reden daar allemaal oude gestopte kernploegleden rond, dus ik moet achter Anke Jannie Landman aan, Vincent Wolvers en Alex Velzeboer. Dus die hebben mij toen wel technisch wat geleerd. Daarna heb ik het jaren niet gedaan, totdat ik weer les ging geven aan Mijntje, dat is 6 jaar geleden. Na 2 jaar dacht ik: nou, ik kan misschien ook wel weer op de maandag gaan rijden. Dus toen ik 37 was, ben ik weer begonnen. Mijn eerste wedstrijd reed ik op mijn 40e.

Hoe was je eerste shorttrackwedstrijd? Miel wilde regiowedstrijden gaan rijden. Toen dacht ik: ik kan hier wel langs de baan gaan staan, maar ik kan ook gewoon meedoen. Dus toen heb ik mezelf ingeschreven, maar ik vond het heel spannend. Ik stond op plek 5 in Alkmaar en toen dacht ik: ja, dan start ik straks, dat heb ik 20 jaar niet meer gedaan, en dan moet ik ergens in die groep mezelf opzij gooien. Dat vond ik heel eng.

Je komt natuurlijk uit een schaatsfamilie, hoe heeft dat jouw ervaringen met de sport beïnvloed? Mijn vader heeft mij altijd overal heen gereden en de ouders van Joost hebben hen altijd overal heengereden.  Dus toen onze kinderen wilden gaan schaatsen, toen dachten we: we kunnen het niet maken om te zeggen: “nee, papa en mama hebben geen tijd”. Nu rijden ze ook echt veel, daar hebben we het wel over gehad, wat willen we dan, vinden wij dat ook wel oké? Maar uiteindelijk hebben we liever dat ze in de ijshal hangen en de hele dag lekker wedstrijd rijden dan dat ze buiten hangen en daar op het voetbalveldje in de buurt op een bankje zitten. Dus ja, we rijden ze overal heen.

Hoe is het om samen met je kinderen op zondag te trainen? Dat is tegenwoordig wel echt strijd, want mama kan ze niet meer hebben echt, zeker niet op het kort. Die eerste bocht hebben ze mij sowieso, Mijntje nu ook op het langere stuk. Dus het is altijd strijd of ze bij mama binnendoor kunnen komen. Dan hoor ik er eentje achter mij krassen en dan moet ik hem heel goed dichthouden, anders komen ze binnendoor. Maar met de relay ben ik ineens hun grote vriend: “Mama, mag ik bij jou inkomen?” voor een lekkere harde duw.

Wat maakt IHCL speciaal? Het is een club die veel aandacht heeft voor talentonwikkeling, maar ook voor masters en alle liefhebbers is er ijs beschikbaar. Ik train op maandag met mensen die vroeger ook wedstrijd hebben gereden en ook heel goed hebben gereden, maar ook met masters zoals ik die dan op latere leeftijd zijn gaan schaatsen. Dat is echt heel gezellig. Dat vind ik op de zondag ook. Het is gewoon altijd een beetje spelen voor volwassenen op het ijs.

Hoe is het in de nieuwe ijshal? Ik vind het heel fijn. Als je lesgeeft, zitten er nu een soort van geluiddempende muren op, dus als je nu op het ijs staat en je praat, verstaan ze je meteen. Je hoeft niet meer te gillen. Je hoort van de langebaan alleen de schaatsen klappen, maar verder hoor je geen geluid van boven. Dat vind ik heel fijn, maar het allerfijnste is dat het niet zo koud is. Het is een heel stuk warmer dan op de andere ijsbaan. Geen koude handen en voeten meer.

Mis je nog iets uit de oude ijshal? Op de oude ijsbaan werd het ijs op zondag altijd, echt heel luxe, van te voren geschaafd en helemaal mooi gemaakt. Dan hadden we echt topcondities om te trainen. Die luxe is er helaas niet meer nu we midden op de zondag trainen, dat redt de ijsmeester niet. Het perfect geprepareerde ijs, dat mis ik wel.

Wat is jouw motivatie om te doen wat je doet? Voor mij is het echt de ontspanning. Als ik de hele week hard heb gewerkt en dan lekker sport is dat de beste manier om te ontspannen. Ik ga altijd giechelend over het ijs heen achter die kinderen aan, dus mijn lachspieren hebben ook altijd een training gehad aan het einde van het uur. Dus ik kom altijd blij en uitgerust van het ijs af.

Je bent natuurlijk ook trainer voor IHCL. Ik doe het eigenlijk al vanaf mijn 15e bij de langebaan. Dus ik had het al een tijdje gedaan. Ik geef nu denk ik in totaal 17 jaar training aan beginners. Ik vind het gewoon onwijs leuk dat je binnen 5 lessen alle kinderen kan leren overstappen. Een aantal kinderen hebben ouders die zelf kunnen schaatsen, maar de meesten niet. Dus dan staan die altijd vol trots langs de kant te kijken naar hun kind, dat die dat al kan. Ze kunnen allemaal overstappen aan het einde van het jaar, echt superleuk vind ik dat.

Waar let jij op als jij training geeft? Het gaat erom dat ze motorisch uitdaagt. Ze zijn nog echt klein: 6, 7, 8, soms al 10. We doen vaak veel gekkigheid. Op allebei de benen staan: dat ze gewoon behendig zijn op hun ijzers, dat ze veilig zijn. Dat ze draaien en keren, kunnen remmen, kunnen vallen, dat ze zich stabiel voelen op hun ijzers. Dat is altijd mijn doel voor het einde van het jaar, dat ze dat kunnen.

Geeft IHCL op een speciale manier training? Het is wel anders dan op de langebaan, het is veel speelser. Op de binnenbaan kan je veel meer spelletjes doen en veel meer met elkaar. Je kan het in kleine groepjes opsplitsen en dan weer bij elkaar zetten. Je hebt ook continu zicht op de kinderen en zij hebben ook zicht op jou, ze zijn niet een heel rondje weg. Van een uur trainen zijn we een kwartier alleen maar spelletjes aan het doen. Zonder dat ze het in de gaten hebben schaatsen ze super veel. De meeste meters worden in dat laatste kwartier afgelegd.

Wat heb je nodig om een goede shorttracker te zijn? Je moet om een shorttracker te zijn er gewoon plezier in hebben. We hebben er een aantal bij de club gehad die achteraan reden bij elke wedstrijd en die dan een paar jaar later bij de start ineens een stuk vooruit gaan en wegvliegen. Om een goede shorttracker te zijn moet je een goede techniek hebben. Je moet veel willen trainen. Je moet gezond zijn, zeker als je een master bent. Voor die kinderen is het anders dan voor ons. Die kinderen moeten gewoon snel en technisch zijn en zorgen dat ze tactisch dingen gaan leren. Bij de masters mogen we blij zijn als alles heel blijft.

Heb je nog een wedstrijd die je heel erg is bijgebleven? In Alkmaar gingen we met de hele familie naar de start. We hadden een bril, want de andere brillen waren stuk. We hadden alle 5 wedstrijd, dus elke keer was het heel veel haast om de schaatsen aan te doen en om de bril te wisselen: en dan de volgende in de heatbox. Dat vond ik superleuk, dat we met z’n allen gingen schaatsen.

Kijk je nu op een andere manier naar shorttrack op tv, nu je zelf weer bezig bent? Ik heb mezelf nu ingeschreven voor de Winter World Master Games. We hebben met de dames nu een relayteam en ik zit met 3 snelle dames, sneller dan ik. Dat inkomen vind ik echt nog wel lastig. Als we dan met z’n vieren achter elkaar rijden, dan moet je met z’n vieren inkomen en dan je positie behalen. En dan schuiven ze nog even in de bocht, zeker met de junioren. Dan gaat er nog eentje van 3 naar 1 en dan moet je op het laatste moment nog wisselen op hoge snelheid. Dat zit ik dan wel af te kijken, hoe ze dat nou echt doen bij de wereldbekers. Dat vind ik zo knap, dat ze op dat laatste moment nog schuiven en dan toch op tijd inkomen.

Heb je nog een shorttrack-idool? Dat is mijn schoonzus Liesbeth. Wij reden vroeger altijd samen langebaan. Dan was zij bij de 100m gelijk al een seconde eerder weg en dan reden we op dezelfde snelheid een rondje. Toen ze 15/16 was vloog ze ineens over de shorttrackbaan heen, zij is ook naar de Olympische Spelen geweest. Dat vond ik echt supergaaf om te zien, dat mijn vriendin het had gered.

Wat zijn de Winter World Master Games?  Je hebt tegenwoordig elk jaar een aantal wedstrijden die voor masters worden georganiseerd. Vorig jaar was de World Cup in Amsterdam, maar toen kon ik helaas niet. Maar toen zei iemand: “Volgend jaar is de Olympische spelen voor masters”. En ik dacht: Olympische Spelen? Wat moet je daarvoor doen dan? Is er nog een limiet? Je kon je gewoon inschreven en toen was ik geplaatst. Dus een andere schaatsmoeder, Roos-Marie, en ik hebben ons gewoon ingeschreven samen. Ze zijn van 12-14 januari. Dus we nemen allemaal onze skischoenen mee, we gaan 3 dagen racen en dan nog 1 dagje skiën. Van IHCL doen er zover ik weet 4 rijders mee.

Hoe is je voorbereiding verlopen? Ik ben dit jaar toch weer begonnen met droogtrainen, met de junioren mee. Dat viel niet mee. Ik moest toen opeens sprintjes gaan trekken. Dat ging de eerste paar trainingen goed, tot het in mijn lies schoot. Ik heb bijna 5 sprintjes nodig om een 6e mee te kunnen met die gasten. Ik heb ook gefietst van de zomer en ik shorttrack nu 2 keer per week in plaats van 1 keer. En ik dans nog een keer per week, ik probeer wel veel te sporten.

En je proces vlak voor de wedstrijd, nu je alleen op jezelf mag focussen? Dat wordt een nieuwe, dat weet ik niet. Normaal moet ik schaatsen doen, een kind voeren, een ander kind aan de start zetten. Normaal moet ik voor 3 kinderen zorgen, dus dat wordt wel even wennen, zonder kinderen om mij heen. Van de zomer heb ik mijn achillespees geblesseerd, dus ik kon niet meer hardlopen. Maar we hadden bij het dansen een inwerkdansje dit jaar. Dus ik heb stiekem het inwerkdansje gedaan om wel een beetje warm en soepel te worden voor de wedstrijd. Want hardlopen kon ik niet. Dus als iemand dacht: “Wat doet die vrouw nou rare pasjes in de bovenring?” Dat was ik.

Heb je last van zenuwen bij een wedstrijd? Ik merk dat ik het nu vooral voor mijn plezier doe, dus ik moet mezelf ook een beetje zenuwachtig maken. Zo sta ik wel een beetje gefocust op het ijs. Dat ik niet zit te lachen, gieren, brullen. De eerste wedstrijd van dit jaar vond ik toch wel weer spannend, want ik had nog helemaal niet getraind en ik moest een 1000m rijden. Dat vind ik dan wel spannende dingen. Vorig jaar in Gent ook. Dat soort wedstrijd hangt het een beetje om, dan denk ik toch: ga ik nou winnen of niet? Dan wil ik toch wel proberen om ervoor te blijven, dan ben ik wel nerveus. Maar een beetje kriebels in de buik zorgen er meestal ook voor dat ik beter rijd.

Shortrackwedstrijden kunnen lastig zijn omdat een ongeluk in een klein hoekje zit. Je kan al snel vallen of een fout maken. Toch moet je een tijdje daarna weer op het ijs staan en alles kunnen geven, hoe ga je met dat snelle omschakelen om?  Ik vind dat eigenlijk wel lekker. Ik heb vroeger langebaanwedstrijden gedaan en dan was je echt afhankelijk van die ene race. Dan moest het lukken. Als je de eerste rit niet goed rijdt zit je wel meteen in de verliezersronde, dat is dan wel jammer. Maar dan mag je gewoon nog een keer proberen. Ik zie het altijd weer als een nieuwe kans. Wat je de rit ervoor fout deed, kan je de rit erna beter proberen te doen. Afgelopen zondag had ik het ook, toen zat ik de eerste rit niet heel diep en vond ik dat het echt beter kon. De tweede rit ging ik wat kleiner zitten en reed ik er toch weer een seconde af.

Wat is jouw gouden tip voor beginners? Als je als master gaat beginnen met shorttrack, moet je zorgen dat je goed inloopt en ook goed rekt. Daarna moet je gewoon echt heel diep gaan zitten. Die hoeken opzoeken, die knieën naar voren drukken, je rug rondtrekken, gaat allemaal niet meer vanzelf. Maar als je echt in de hoeken gaat zitten, lukt het ineens. Dat zie je ook bij de nieuwe masters die beginnen.

Als iemand nog aan het twijfelen is over komen shorttracken bij IHCL, wat zou je dan tegen ze zeggen? Kom een keer meedoen. We hebben echt masters die niet zoals ik op een jonge leeftijd hebben geschaatst maar later zijn begonnen en ik zie ze elk jaar vooruit gaan. Alle masters gaan elk jaar een beetje dieper zitten, ook al worden ze ouder, technisch verbeteren ze en ze blijven mee rijden.

Foto: Erik Meulmeester

No Replies to "Lid van de Maand #14: Annemarie van Haestregt"


    Got something to say?